starten vanuit ww
Via deze link kunt u zich aanmelden voor de nieuwsbrief.
Het wordt voor WW-gerechtigden aantrekkelijker om een eigen bedrijf te starten. WW'ers die zelfstandig ondernemer willen worden behouden, na goedkeuring van het Uitvoeringsinstituut Werknemersverzekeringen (UWV), tot zes maanden na de start van het bedrijf hun uitkering. Ook hoeven zij in die periode niet te solliciteren en mogen zij opdrachten binnenhalen en uitvoeren. Eventuele inkomsten worden voor 70 procent verrekend met de uitkering.
Daarnaast kunnen werkloze ambtenaren net als andere WW'ers zelf een plan maken om weer aan werk te komen. Dit doen zij door het afsluiten van een individuele re-integratieovereenkomst (IRO). Overheidswerkgevers zijn nu zelf verantwoordelijk voor de re-integratie van hun werkloze (ex)werknemers. Deze werkloze ambtenaren kunnen hun voormalige werkgever vragen om zelf een plan te kunnen maken voor de terugkeer naar werk. Ook kunnen zij zelf een re-integratiebedrijf kiezen. De maatregel is bedoeld voor overheidswerknemers die na 1 juli 2005 werkloos zijn geworden.
Deze mogelijkheid bestaat al voor gedeeltelijk arbeidsgeschikte mensen en WW'ers die geen ambtenaar waren.
WW-uitkering en tijdelijk als zelfstandig specialist aan het werk
De overheid is van mening dat indien u weer aan het werk gaat terwijl de duur van uw WW-uitkering nog niet is verstreken, dat geen nadelige gevolgen mag hebben voor de duur van uw uitkering. Als u werkloos wordt voordat u aan de nieuwe wekeneis hebt voldaan (26 van de 36 weken gewerkt hebben) dan behoudt u recht op uw WW-uitkering volgens de oude regels.
Voldoet u wel aan de wekeneis voordat u weer werkloos wordt, dan krijgt u een uitkering op basis van de nieuwe WW-regels. Hierbij geldt wel een overgangsregeling om te voorkomen dat u nadelige gevolgen ondervindt van de (nieuwe) WW-regels die per 1 oktober 2006 zijn ingegaan. Meer over dit onderwerp vindt u hier.
Hoe bereidt u zic
h voor?
Bent u van plan voor uzelf te beginnen? Dan is het goed om eerst te onderzoeken of uw idee kans van slagen heeft. Gebruik hiervoor de kennis en informatie van bijvoorbeeld startbedrijf.
Uw mogelijkheden onderzoeken
Een onderzoeksperiode duurt een aantal weken. Tijdens deze periode onderzoekt u de mogelijkheden voor uw eigen bedrijf. U kunt bijvoorbeeld:
- een ondernemingsplan schrijven
- geld regelen, bijvoorbeeld een lening
- onderzoek doen of uw bedrijf een succes kan worden
- advies vragen bij Kamer van Koophandel (KvK)
- uitzoeken welke verzekeringen u nodig heeft
- uitzoeken wat u moet regelen bij de Belastingdienst
Bespreek met uw re-integratiecoach dat u voor uzelf wilt beginnen. Hij kan u namelijk meer vertellen over starten met een uitkering en hierover afspraken met u maken. Met de re-integratiecoach spreekt u ook af hoe lang de onderzoeksperiode mag duren. Tijdens de onderzoeksperiode hoeft u niet te solliciteren en houdt u uw WW. Zorg er wel voor dat u bij CWI ingeschreven staat. En krijgt u een baan aangeboden? Dan moet u die wel accepteren. Ook als u daardoor minder tijd aan uw eigen bedrijf kunt besteden.
Wilt u starten en uw WW-uitkering houden? Dan kunt u gebruikmaken van een startperiode. Hiervoor heeft u toestemming nodig van uw re-integratiecoach.
Bezoek de Kamer van Koophandel
Om te onderzoeken of u met een bedrijf voldoende kunt verdienen, is het belangrijk een ondernemingsplan te maken. Daarin onderzoekt u bijvoorbeeld wie uw klanten en uw concurrenten zijn. Een organisatie die u daarbij kan helpen is de Kamer van Koophandel (KvK). De Kamer van Koophandel houdt ook startersdagen en cursussen voor startende ondernemers. Uiteraard is het ook verstandig om te kijken op startbedrijf.
Informeer de Belastingdienst
Als u ondernemer wordt, moet u dat doorgeven aan de Belastingdienst. De Belastingdienst wil weten wat u verdient met uw eigen bedrijf omdat u daarover belasting gaat betalen.
Uw vragen aan de Belastingdienst kunt u stellen bij de Belastingtelefoon. Via dit telefoonnummer kunt u ook een exemplaar van het uitgebreide Handboek Ondernemen aanvragen. In dat boek staan alle fiscale wetten en regelingen voor ondernemers duidelijk beschreven.
Sommige opdrachten lijken erg op werk in loondienst. Het kan zijn dat de Belastingdienst u daardoor niet als zelfstandig ondernemer ziet. In dat geval moet u of uw opdrachtgever meer belasting betalen en premies afdragen omdat u als werknemer gezien wordt. Wilt u dit voorkomen? U kunt bij de Belastingdienst een Verklaring Arbeidsrelatie (VAR) aanvragen. Die geeft vooraf zekerheid hoe de Belastingdienst uw inkomen ziet.
Kiezen voor minder WW of startperiode
Als u zelfstandige wilt worden heeft u aan het eind van de onderzoeksperiode twee mogelijkheden:
- U kiest voor minder WW. UWV beëindigt uw WW-uitkering voor het aantal uren dat u als zelfstandige werkt.
- U maakt gebruik van de startperiode. U werkt dan 26 kalenderweken aan uw bedrijf met behoud van uitkering. Heeft u na de startperiode nog recht op een uitkering? Dan gaan de uren dat u werkt als zelfstandige af van uw uitkering.
Geld voor de start
Voordat u met uw bedrijf begint, is het verstandig om te berekenen hoeveel geld u nodig heeft om te starten. Heeft u veel geld nodig, of kunt u zelf het beginbedrag niet opbrengen? Dan kunt u geld lenen bij een bank of bij een particulier (bijvoorbeeld familie).
Als u geen geld bij de bank kunt lenen, dan kunt u vragen of de bank een staatsgarantie voor u wil aanvragen. Via deBorgstellingsregeling voor het Midden- en Kleinbedrijf (BBMKB) helpt de overheid ondernemers bij het krijgen van een lening.
De Kamer van Koophandel (KvK) geeft informatie over de verschillende mogelijkheden om aan geld te komen voor uw bedrijf.
Krediet voor startende ondernemers
Voor startende ondernemers met een uitkering is op 1 juli 2007 de proef Borgstelling microkredieten gestart. Deze proef wordt gehouden in de regio’s Flevoland, Friesland en Rotterdam. Met deze proef kunnen beginnende zelfstandig ondernemers met een uitkering van UWV of de gemeente makkelijker een lening krijgen van een bank. De overheid stelt zich dan aansprakelijk voor een lening die u afsluit bij een bank of een gemeentelijke kredietbank. In zomer 2008 wordt de proef uitgebreid met de regio's Tilburg en Hengelo. Als de proef een succes is, gaat de borgstellingsregeling misschien landelijk gelden.
Starten met uw bedrijf
Als uw ondernemingsplan klaar is, neemt u contact op met uw re-integratiecoach. Van hem kunt u toestemming krijgen om 26 kalenderweken aan uw eigen onderneming te werken terwijl u uw uitkering houdt. U krijgt hiervoor toestemming als u met uw bedrijf genoeg kunt verdienen. Om te beoordelen of dat zo is, kan uw re-integratiecoach een extern bedrijf inschakelen. Dat bedrijf kan u voor een gesprek uitnodigen, zodat u uw ondernemingsplan kunt toelichten.
In deze startperiode mag u alles doen dat nodig is voor uw eigen bedrijf: opdrachten binnenhalen en uitvoeren, een bedrijfspand inrichten of uw winkel openen.
Geen sollicitatieplicht tijdens de startperiode
In de startperiode hoeft u niet te solliciteren. Het is de bedoeling dat u na verloop van tijd helemaal zonder uitkering rond kunt komen. Daarom moet u deze periode gebruiken om de voorbereidingen af te ronden en als zelfstandige te gaan werken.
Wat gebeurt er met uw uitkering?
Tijdens de startperiode houdt u uw WW-uitkering maximaal 26 kalenderweken. U krijgt de uitkering als voorschot. Later verrekent UWV uw inkomsten als zelfstandige geheel of gedeeltelijk met uw uitkering. Dit gebeurt ongeveer 2 jaar later.
Verdient u in de startperiode meteen veel geld? Dan kunt u ervoor kiezen uw WW te verlagen of zelfs helemaal stop te zetten. Dan hoeft u later minder terug te betalen.
Kiezen voor minder WW
Wilt u de WW-uitkering niet als voorschot ontvangen? Dan kunt u ook voor minder of geen WW kiezen.
U heeft dan geen toestemming nodig van uw re-integratiecoach om uw bedrijf op te zetten. U geeft op uw werkbriefje het aantal uren op dat u als zelfstandige werkt. Voor die uren krijgt u dan geen WW meer. Houd er wel rekening mee dat uw uitkering definitief omlaag gaat. Gaat u later minder uren als zelfstandige werken? Dan gaat uw WW dus niet omhoog.
Alle uren die u in uw eigen bedrijf werkt tellen mee. Dus ook de uren waarin u nieuwe klanten zoekt of uw administratie doet.
Kiest u voor minder WW? Dan moet u wel blijven solliciteren voor het aantal uren dat u WW ontvangt.
Wat gebeurt er na de startperiode?
Na de startperiode van (maximaal) 26 kalenderweken zijn er 3 situaties mogelijk:
- U blijft werken als zelfstandig ondernemer; uw WW-uitkering wordt beëindigd.
- U gaat gedeeltelijk verder als zelfstandig ondernemer. U krijgt nog gedeeltelijk WW. Voor de uren dat u nog WW krijgt, moet u blijven solliciteren.
- U stopt met uw werk als zelfstandige. U houdt uw WW-uitkering. Vanaf dat moment moet u ook weer solliciteren.
Stopt u met uw bedrijf en krijgt u geen WW meer? Mogelijk kunt u dan een bijstandsuitkering krijgen. Informeer hiervoor bij uw gemeente.
WW terugbetalen
Het UWV wil u graag helpen een succes van uw bedrijf te maken. Daarom hoeft u de winst uit de startperiode niet meteen terug te betalen. U kunt dat geld gebruiken voor de groei van uw bedrijf. Tijdens de startperiode krijgt u de WW-uitkering als voorschot. Twee jaar nadat u bent begonnen, bekijkt het UWV of u uw WW moet terugbetalen.
Hoeveel u moet terugbetalen, ligt aan de winst die u heeft gemaakt. Ook uw inkomsten van na de startperiode tellen mee. Het kan dus zijn dat u in de startperiode weinig verdient, maar dat u toch geld moet terugbetalen over deze periode. Maakt u geen winst en heeft u ook geen andere inkomsten, dan hoeft u niets terug te betalen. Uw re-integratiecoach kan u meer vertellen over het terugbetalen van de uitkering.
Stoppen met uw bedrijf
Als uw bedrijf niet levensvatbaar is en u stopt ermee, dan kunt u mogelijk het resterende deel van uw WW-uitkering krijgen. Dat kan alleen als u uw bedrijf volledig stopzet.
Of u uw uitkering terugkrijgt, hangt af van het moment dat u met uw bedrijf stopt. Vanaf het moment dat uw uitkering is gestopt, geldt een bepaalde termijn. Binnen deze termijn van minimaal 18 maanden en maximaal 38 maanden kunt u uw WW terugkrijgen. Had u een WW-uitkering voor bijvoorbeeld 30 maanden, dan is de termijn waarbinnen u uw uitkering kunt terugkrijgen ook 30 maanden.
Stopt u na die periode met uw bedrijf? Dan kunt u geen WW-uitkering meer krijgen. Mogelijk heeft u dan recht op een bijstandsuitkering. Informeer hiervoor bij uw gemeente.
Bronnen: startbedrijf; uwv; kvk; szw; cwi; belastingdienst
Algemeen nieuws